Raymond Reys (1922–1999)
Opgroeien zonder vader – oorlog, dwangarbeid en wederopbouw
Geboren in een kwetsbaar gezin
Raymond Reys wordt geboren op 14 oktober 1922 in Sint-Kruis als zoon van Richard Reys (1893–1936) en Emerence De Pape. Hij groeit op in een gezin dat nog altijd de gevolgen draagt van de Eerste Wereldoorlog.
Wanneer Raymond amper 14 jaar oud is, overlijdt zijn vader Richard. Het gezin verliest zijn kostwinner, en de verantwoordelijkheid rust plots zwaar op de schouders van moeder Emerence en haar oudste kinderen. Voor Raymond betekent dit een jeugd die vroeg wordt ingeruild voor plicht en arbeid.
Vroege volwassenheid
Als tiener moet Raymond al gaan werken om bij te dragen aan het gezinsinkomen. School wordt ondergeschikt aan overleven. Hij leert discipline, doorzettingsvermogen en verantwoordelijkheid — eigenschappen die zijn verdere leven zullen bepalen.
Het gezin woont in de Brieversweg in Sint-Kruis, een eenvoudige woning waar samenhorigheid noodzakelijk is om het hoofd boven water te houden.
De Tweede Wereldoorlog
Wanneer in 1940 de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, is Raymond 17 jaar oud. België wordt opnieuw bezet, en het dagelijkse leven wordt steeds zwaarder. Net als vele jonge mannen wordt Raymond, samen met zijn broer Joseph, door de Duitse bezetter gedeporteerd naar Duitsland om er te werken in de oorlogsindustrie.
De dwangarbeid in Duitsland is hard en ontmenselijkend. De mannen leven in onzekerheid, ver weg van huis, zonder controle over hun eigen lot. De ervaring laat diepe sporen na, zowel fysiek als mentaal.
Terugkeer en een nieuw begin
Na het einde van de oorlog keren Raymond en zijn broer behouden terug. In 1945, in een land dat zwaar gehavend is maar opnieuw hoopvol vooruitkijkt, begint voor Raymond een nieuw hoofdstuk.
Op 29 december 1945 treedt Raymond Reys in het huwelijk met Marie-Thérèse Vandendriessche, geboren op 31 augustus 1923 in Sint-Kruis. Het jonge paar vestigt zich in de Moerkerkesteenweg te Sint-Kruis — letterlijk aan de overkant van het ouderlijk huis.
Een groot gezin
Raymond en Marie-Thérèse krijgen zes kinderen: drie zonen en drie dochters. Marie-Thérèse blijft thuis om voor het gezin te zorgen, wat in die tijd een vanzelfsprekende maar zware taak is.
Later komen ook Raymonds moeder Emerence De Pape en zijn schoonvader Ludovicus Vandendriessche bij het gezin inwonen. Met soms tien personen onder één dak vraagt het huishouden organisatie, uithoudingsvermogen en wederzijds respect.
Comfort zoals we dat vandaag kennen bestaat nauwelijks, maar het gezin functioneert dankzij discipline, zorg en sterke familiale banden.
Een leven van arbeid
Raymond werkt zijn hele leven hard om zijn gezin te onderhouden. De oorlogservaringen hebben hem gevormd tot een man die weinig woorden nodig heeft, maar veel draagt. Zijn leven staat in het teken van verantwoordelijkheid en trouw aan zijn gezin.
Hij maakt de wederopbouw van België mee, de opkomst van sociale zekerheid en een langzaam stijgende levensstandaard — veranderingen die zijn ouders nooit hebben gekend.
Overlijden en herinnering
Raymond Reys overlijdt in 1999, op 77-jarige leeftijd. Hij laat een grote familie na, opgebouwd in moeilijke omstandigheden maar gedragen door sterke waarden.
Zijn levensverhaal is dat van een generatie die twee oorlogen overleefde, jeugd opofferde aan plicht, en toch bleef bouwen aan een toekomst voor haar kinderen.
Slot
Raymond Reys belichaamt de kracht van stilte en volharding.
Geen grote gebaren, maar een leven dat anderen vooruit hielp.
Met hem komt de familiegeschiedenis definitief in de hedendaagse tijd terecht.
Waarom dit verhaal bewaren?
Deze kroniek is geen eindpunt, maar een doorgeefmoment.
Ze bewaart herinneringen die anders zouden verdwijnen in archieven en
registers.
Door dit verhaal te vertellen:
- krijgen namen opnieuw gezichten
- worden data opnieuw levens
- wordt geschiedenis opnieuw persoonlijk
Elke nieuwe generatie schrijft verder, bewust of onbewust.
Slotwoord
De familie Reys is geen verhaal van roem, maar van volharding.
Geen geschiedenis van macht, maar van menselijkheid.
En precies daarin schuilt haar waarde.
Dankwoord
Deze kroniek werd samengesteld uit parochieregisters, burgerlijke akten, militaire documenten, foto's en familieherinneringen — en vooral dankzij het geduldige speurwerk van wie het verleden niet wilde laten verdwijnen.